Kinderopvang bij ziekte: regels en tips
De basisrichtlijnen
Er is geen landelijke wet die exact voorschrijft wanneer een kind wel of niet naar de opvang mag bij ziekte. Elke opvang heeft een eigen ziekteprotocol, meestal gebaseerd op RIVM-richtlijnen. Vraag bij de intake naar het ziektebeleid.
De gulden regel:
Een kind mag naar de opvang als het zich goed genoeg voelt om mee te doen aan het normale dagprogramma: spelen, eten, naar buiten. Als je kind alleen maar op schoot wil liggen of slapen, hoort het thuis.
Algemene richtlijn: thuisblijven bij:
Koorts boven 38°C
Braken of diarree (tot 24 uur na laatste incident)
Besmettelijke ziektes in de eerste dagen (zie onder)
Algemene malaise: lusteloos, niet willen eten/drinken, alleen maar slapen
Meestal wel naar opvang:
Lichte verkoudheid zonder koorts
Loopneus
Licht hoesten
Na 24 uur koortsvrij (zonder paracetamol)
Meest voorkomende ziektes
Verkoudheid:
Bijna alle kinderen lopen permanent rond met een snotneus, vooral in de winter. Dit is geen reden om thuis te blijven. Alleen bij koorts of als je kind er duidelijk ziek van is.
Koorts:
Thuisblijven tot 24 uur koortsvrij zonder koortswerende medicatie. Sommige opvanglocaties hanteren 38°C als grens, andere 38,5°C. Check je eigen opvangbeleid.
Krentenbaard (conjunctivitis):
Thuisblijven tot 24 uur na start van oogdruppels/zalf. Zeer besmettelijk.
Oorontsteking:
Als je kind koorts heeft: thuisblijven. Zonder koorts en met antibiotica mag het vaak wel, mits je kind zich goed voelt.
Hand-voet-mondziekte:
Besmettelijk, maar meestal niet ernstig. Thuisblijven als je kind koorts heeft of veel last heeft van zweertjes. Zonder koorts mag het vaak wel (check opvangbeleid).
Waterpokken:
Thuisblijven tot alle blaasjes zijn ingedroogd (meestal 5-7 dagen na eerste blaasjes).
Buikgriep (braken/diarree):
Thuisblijven tot 24 (soms 48) uur na laatste incident. Zeer besmettelijk.
Roodvonk:
Thuisblijven tot 24 uur na start antibiotica.
COVID-19:
Volg de actuele RIVM-richtlijnen. Meestal: test bij klachten, thuisblijven bij positieve test tot symptoomvrij.
Het grijze gebied: wel of niet?
Er zijn situaties waarin het onduidelijk is:
Situatie 1: Kind is een beetje hangerig, maar geen koorts
→ Bespreek met de opvang. Sommige dagen is een kind gewoon wat trager. Als het geen koorts heeft en wel wil eten/drinken, kan het vaak wel.
Situatie 2: Kind heeft elke dag een loopneus
→ In de winter is dit normaal. Als je kind er verder vrolijk bij loopt, mag het naar de opvang. Stuur tissues mee.
Situatie 3: Kind is net beter, maar nog niet helemaal zichzelf
→ Na een zware griep kan herstel dagen duren. Als de koorts weg is en je kind weer wil spelen, mag het naar de opvang. Waarschuw wel dat je kind nog herstellende is.
Situatie 4: Twijfel
→ Bel de opvang. Beschrijf de symptomen. Zij kunnen helpen inschatten of het verantwoord is. Je kunt ook afspreken dat je kind komt, maar dat je bereikbaar blijft voor snel ophalen.
Situatie 5: Je hebt een belangrijke vergadering
→ Begrijpelijk, maar de gezondheid van je kind (en andere kinderen) gaat voor. Zieke kinderen horen thuis. Regel noodopvang (oma, oppas, partner blijft thuis).
Ziek worden tijdens opvangdag
Je kind wordt ziek op de opvang. Wat gebeurt er?
De opvang belt je:
Bij koorts boven 38°C (of hun grens)
Bij braken (vaak al na 1x)
Bij onverklaarbare uitslag
Als je kind erg van streek is en niet te troosten
Bij hoofdletsel (val, botsing)
Je wordt gevraagd om te komen:
Meestal binnen 1 uur
Is dit niet mogelijk? De opvang zorgt voor je kind, maar verwacht wel dat je zo snel mogelijk komt
Kan je echt niet? Regel noodcontact (staat in je contract)
Wat de opvang doet:
Je kind krijgt een rustig plekje
Eventueel paracetamol (alleen met jouw toestemming vooraf)
Extra aandacht van mentor
Bij koorts: kind wordt koel gehouden, extra drinken
Tip: Zorg dat je altijd bereikbaar bent. Geef een betrouwbaar tweede telefoonnummer door (partner, oma, buurvrouw).
Werk regelen bij ziek kind
Een ziek kind betekent vaak thuisblijven van je werk. Hoe regel je dit?
Wettelijk:
Je hebt recht op kortdurend zorgverlof: meestal 2x de werkdagen per jaar voor noodopvang
Dit is betaald (70% van je loon, vaak aangevuld door werkgever tot 100%)
Voor langer verzorgen van een ziek kind: langdurig zorgverlof (meestal onbetaald)
Praktisch:
Spreek met je werkgever af dat je kunt thuiswerken bij ziek kind (als het kind slaapt)
Wissel af met je partner: de ene dag jij, de andere dag partner
Bouw een noodnetwerk: oma, oppas, goede vriend die kan bijspringen
Sommige gemeenten hebben kinderopvang-bij-ziekte: gespecialiseerde oppassen die bij jou thuiskomen (ZZP of via organisaties zoals Kraamzorg)
Tips:
Plan geen onmisbare vergaderingen op maandag (veel kinderen worden in het weekend ziek)
Bouw buffer in je planning voor ziektedagen
Communiceer proactief met je werkgever: kinderen worden nu eenmaal ziek
Kun je voorkomen dat je kind ziek wordt?
Nee, niet echt. Kinderen die naar de opvang gaan, worden gemiddeld 8-12x per jaar ziek in het eerste jaar. Dit is normaal en zelfs nuttig: hun immuunsysteem leert omgaan met virussen.
Wat helpt wel:
Handen wassen (leer je kind dit vroeg aan)
Gezonde voeding: fruit, groente, voldoende slaap
Ventilatie: zorg voor frisse lucht, zowel thuis als op de opvang
Niet te warm aankleden (overhitte kinderen worden sneller ziek)
Borstvoeding (in het eerste jaar: beschermt tegen infecties)
Wat niet helpt:
Vitamine C-supplementen (bij gezonde kinderen geen bewijs voor effect)
Je kind in een bubbel houden (ziekte is onderdeel van ontwikkeling)
Antibiotica bij elk slakje (virussen, niet bacteriën, veroorzaken de meeste ziektes)
Troost:
Na het eerste jaar op de opvang is het ergste achter de rug. Je kind is dan immuun voor veel virussen en wordt minder vaak ziek.
Deel dit artikel