De eerste dag op de kinderopvang
De wenperiode
Bijna elke kinderopvang werkt met een wenperiode. Dit betekent dat je kind in de weken voor de officiële startdatum een paar keer komt wennen — eerst kort (een uurtje) en daarna steeds langer. Meestal duurt de wenperiode twee tot vier weken, met twee tot drie wenmomenten.
Tijdens het wennen is een vaste pedagogisch medewerker het aanspreekpunt voor je kind. Dit is de mentor van je kind, die extra aandacht besteedt aan het opbouwen van vertrouwen. Vraag van tevoren wie dit wordt, zodat je zelf ook een band kunt opbouwen.
Afscheid nemen
Het afscheid nemen is voor veel ouders het moeilijkste moment. De gouden regel: maak het kort en liefdevol. Geef een knuffel, zeg dat je terugkomt, en ga. Hoe langer je treuzelt, hoe moeilijker het wordt — voor jou én je kind.
Kinderen huilen vaak bij het afscheid, maar stoppen meestal binnen een paar minuten. De medewerkers zijn hierin getraind en zullen je kind afleiden met een activiteit of speelgoed. Als je je zorgen maakt, vraag dan of ze je na een half uur even appen hoe het gaat.
Wat neem je mee?
Elke opvang heeft een eigen lijst, maar dit zijn de basisdingen:
Verschoonspullen: luiers, billendoekjes, crème (voor baby's en peuters)
Wisselkleding: minimaal één compleet setje, aangepast aan het seizoen
Knuffel of speenkoord: iets vertrouwds van thuis geeft geruststelling
Flesvoeding of borstvoeding: als je kind nog fles krijgt, bespreek de voedingsschema's
Zonnebrand en mutsje: in de zomer
Regenkleding en laarzen: voor buitenspelen
Label alles met de naam van je kind. In een groep met twaalf kinderen raken spullen makkelijk zoek.
Omgaan met emoties
Het is heel normaal om je schuldig of verdrietig te voelen als ouder. Je laat je kind achter bij iemand anders — dat is een grote stap. Weet dat dit gevoel afneemt naarmate je kind en jij wennen aan het nieuwe ritme.
Praat erover met andere ouders. Je zult merken dat bijna iedereen dezelfde gevoelens heeft gehad. En onthoud: kinderopvang is goed voor de sociale ontwikkeling van je kind.
De eerste weken
De eerste weken kunnen wat onrustig zijn. Je kind slaapt misschien slechter, is extra aanhankelijk of juist prikkelbaarder. Dit is normaal — je kind verwerkt veel nieuwe indrukken. Geef extra aandacht thuis en houd het rustig in de avonden.
Na twee tot vier weken zie je meestal een kentering: je kind begint de medewerkers te herkennen, heeft vriendjes gemaakt en gaat met plezier naar de opvang.
Vertrouwen opbouwen
Communicatie met de opvang is essentieel. Lees de dagverslagen, vraag hoe het ging en deel relevante informatie over je kind (allergieën, slaapgewoontes, bijzonderheden). Hoe beter de medewerkers je kind kennen, hoe beter ze kunnen inspelen op wat je kind nodig heeft.
Deel dit artikel